Decreet lokaal bestuur
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Omzendbrief KB ABB 2019/2 over de gemeentefiscaliteit van 15 februari 2019.
De financiële toestand van de gemeente.
Het positief advies van het Lokaal Economisch Forum dd. 14 september 2010.
Nachtwinkels zijn op het vlak van handhaving van de openbare orde en de openbare netheid, door hun aard en tijdstip van hun activiteiten, meer dan andere types van handelzaken een extra belasting voor veiligheids- en andere gemeentelijke openbare diensten. Een teveel aan nachtwinkels schaadt de kwaliteit en de aantrekkelijkheid van het winkelapparaat. Deze neerwaartse evolutie moet door gerichte acties worden tegengehouden zodat een verscheiden en kwaliteitsvol aanbod aan handelzaken kan blijven bestaan. Het is billijk hiervoor een specifieke belasting te heffen.
Art.1. Voor de toepassing van het reglement, moet er onder nachtwinkels verstaan worden, elke winkel die in algemene voedingswaren en huishoudartikelen handelt en tussen 18.00 uur en 7.00 uur open is, zoals bedoeld in de wet van 10 november 2006 betreffende de openingsuren in handel, ambacht en dienstverlening en ongeacht of alle verplichtingen en beperkingen voortvloeiend uit die wet door de nachtwinkel gerespecteerd zijn.
Art.2. Met ingang van 1 januari 2026 wordt er voor een termijn van 6 jaar zowel een openingsbelasting als een jaarlijkse belasting geheven op nachtwinkels gelegen op het grondgebied van Lichtervelde.
Art.3. Nachtwinkels gelegen op het grondgebied Lichtervelde die hun activiteit startten vóór goedkeuring van dit reglement zijn vrijgesteld van de openingsbelasting.
Art.4. De openingsbelasting is een éénmalige belasting vastgesteld op €6.000 en verschuldigd bij elke opening van een nieuwe handelsactiviteit van een nachtwinkel zoals gedefinieerd in artikel 1 van dit reglement. Elke wijziging van uitbating is gelijkgesteld met een nieuwe handelsactiviteit.
De aanslagvoet van de jaarlijkse belasting is vastgesteld op € 1.500 per nachtwinkel.
De jaarlijkse belasting gaat in volgend op het jaar van inkohiering van de openingsbelasting, of bij gebreke hiervan vanaf de inwerkingtreding van huidig belastingreglement. Er wordt geen enkele korting of teruggave van de belasting gedaan om welke reden dan ook.De openingsbelasting en de jaarlijkse belasting zijn ondeelbaar. Zij zijn verschuldigd voor het ganse jaar, welke ook de aanvang- of de stopzettingsdatum van de economische activiteit of de wijziging van uitbating in het jaar is.
Art.5. De belasting is verschuldigd door de uitbater van de nachtwinkel. Hieronder wordt verstaan de natuurlijke persoon of rechtspersoon die eigenaar is van de handelszaak en voor wiens rekening en risico de instelling wordt uitgebaat. De eigenaar van het pand of van het deel waar de nachtwinkel gevestigd is, is solidair verantwoordelijk voor de betaling van de belasting.
Art.6. De belastingplichtige is ertoe gehouden voorafgaandelijk aan elke economische activiteit aangifte hiervan te doen bij het gemeentebestuur. Hij moet hiertoe alle nodige documenten en vergunningen voorleggen op eerste verzoek van het gemeentebestuur.
Art.7. Elke wijziging of stopzetting van een economische activiteit dient onder verantwoordelijkheid van de belastingplichtigen onmiddellijk en per aangetekend schrijven te worden meegedeeld aan het gemeentebestuur.
Art.8. De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het College van Burgemeester en Schepenen.
Art.9. De invordering van deze belasting geschiedt verder overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.