Terug
Gepubliceerd op 18/12/2025

Besluit  Gemeenteraad

ma 15/12/2025 - 20:00

Gemeentebelastingen: Retributie op het parkeren in blauwe zone - Goedkeuring

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet.

De wet van 7 februari 2003 houdende verschillende bepalingen inzake verkeersveiligheid.

De wet van 20 juli 2005 tot wijziging van de gecoördineerde wetten van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer.

Het decreet van 16 mei 2008 waarbij aan de gemeenten wordt toegestaan parkeergeld op motorrijtuigen in te voeren.

Het decreet van 9 juli 2010 houdende de invordering van parkeerheffingen door parkeerbedrijven, waarbij aan de gemeenten wordt toegestaan parkeergeld op motorrijtuigen in te voeren.

Het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, beter gekend als de wegcode.

Het Ministerieel Besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap.

Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, gewijzigd bij decreten van 28 mei 2010 en 17 februari 2012.

Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.

Omzendbrief KB ABB 2019/2 over de gemeentefiscaliteit van 15 februari 2019.

 

 

 

Motivering

Voor het handhaven van de parkeerregeling is een retributie vereist.

De financiële toestand van de gemeente.

Besluit

Art.1. Voor een termijn van zes jaar, ingaand op1 januari 2026 wordt een gemeentelijke retributie gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of de plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg waar een blauwe zone-reglementering van toepassing is.

Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.

Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 1, 2e lid, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten.

Onder voertuigen verstaat men motorvoertuigen, aanhangwagens en hun onderdelen.

Art.2. De parkeerretributie in de blauwe zone is verschuldigd door de houder van de nummerplaat van het voertuig.

Tarieven / wijze van betaling
Art.3. De retributie voor parkeren in een blauwe zone wordt als volgt vastgesteld:
- gratis voor de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden,
- een forfaitair tarief van 25 EUR per dag voor elke periode die langer is dan deze die gratis is.

De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen van de parkeerschijf achter de voorruit, of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het KB van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.
Het gebruik van de parkeerschijf is verplicht van maandag tot en met zaterdag tussen 9 uur en 18 uur, uitgezonderd op feestdagen, dit voor alle vastgestelde blauwe  zones.

Art.4. De gebruiker wordt steeds geacht te kiezen voor de betaling van het in artikel 3 bedoelde forfaitaire tarief:
- indien de gebruiker de parkeerschijf niet zichtbaar achter de voorruit van zijn voertuig plaatst, of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig,
- in geval de gebruiker de pijl niet op het streepje plaatst dat volgt op het tijdstip van aankomst,
- indien de gebruiker de aanduidingen wijzigt zonder dat het voertuig de parkeerplaats heeft verlaten,
- indien de gebruiker de maximale duur die toegelaten is door de verkeersborden overschrijdt.

Bij toepassing van het hierboven vermelde forfaitaire tarief zal de gemachtigde van de gemeente een uitnodiging om de retributie te betalen aanbrengen aan de voorruit van het voertuig of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig. De retributie moet betaald worden overeenkomstig de richtlijnen vermeld op de betalingsuitnodiging.

In geval van niet-betaling van de verschuldigde som volgens die richtlijnen wordt een administratieve kost aangerekend die overeenkomt met:
- voor de eerste herinnering: gratis,
- voor de tweede herinnering: 10 EUR + portkosten aangetekende zending.

Vrijstellingen
Art.5.§1. Deze verordening is niet van toepassing voor personen met een beperking voor zover voldaan is aan de bepalingen van artikel 27.4 van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, en voor zover zij dit kunnen aantonen via een speciale kaart uitgereikt door de officiële instelling, overeenkomstig het ministerieel besluit van 7 mei 1999, die zichtbaar is aangebracht op de binnenkant van de voorruit van het voertuig of, als er geen voorruit
is, op het voorste gedeelte van het voertuig.
§2. Deze verordening is niet van toepassing op dienstvoertuigen van de gemeente en het OCMW, de Lokale Politie en van de openbare nutsbedrijven. Als dienstvoertuig wordt beschouwd het voertuig waarop het logo/embleem van bovenvermelde dienst zichtbaar is aangebracht. De gebruiker van deze voertuigen hoeft geen parkeerschijf of parkeerkaart aan te brengen.

Verkeerd gebruik of misbruik van parkeerkaart
Art.6. Per vastgesteld verkeerd gebruik of misbruik van de parkeerkaart bedraagt de retributie 25 EUR.
De gebruiker van een voertuig die beschikt over parkeerkaart wordt steeds geacht te kiezen voor de betaling van dit tarief indien de uitgereikte parkeerkaart:
- niet of niet leesbaar geplaatst wordt achter de voorruit, of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig,
- gebruikt wordt in een voertuig met een andere nummerplaat dan deze vermeld op de kaart,
- gebruikt wordt in een andere zone of straat dan deze vermeld op de kaart,
- vervallen is,
- vervalst of nagemaakt is.

Bij de toepassing van deze retributie brengt de aangestelde van de gemeente een uitnodiging om de retributie te betalen aan op de voorruit van het voertuig of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig. De retributie moet betaald worden overeenkomstig de richtlijnen vermeld op de betalingsuitnodiging.
In geval van niet-betaling van de verschuldigde som volgens die richtlijnen wordt een administratieve kost aangerekend die overeenkomt met:
- voor de eerste herinnering: gratis,
- voor de tweede herinnering: 10 EUR + portkosten aangetekende zending.
Bij herhaald misbruik van de parkeerkaart kan deze door de gemeente in samenspraak met het gemeentebestuur, ingetrokken worden.

Maatregelen bij weigering van betaling

Art.7. Bij gebrek aan betaling in der minne wordt de invordering van de retributie ingevorderd op grond van artikel 177 van het decreet lokaal bestuur dat voorziet in de mogelijkheid om een dwangbevel uit te vaardigen met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet- fiscale schuldvorderingen.

Bij betwisting kan het gemeentebestuur zich tot de bevoegde burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen.

Algemene bepalingen
Art.8. Het parkeren op een parkeerplaats in de blauwe zone gebeurt steeds op risico van de gebruiker of van degene die burgerlijk verantwoordelijk is. Het gemeentebestuur kan niet aansprakelijk worden gesteld voor om het even welk feit dat beschadiging of verlies van het geparkeerde voertuig voor gevolg zou hebben.

Slotbepalingen
Art.9. Dit besluit wordt overeenkomstig het decreet lokaal bestuur bekend gemaakt.